Uit uw vraag kunnen wij niet opmaken waarom de
wijze van betaling van de componenten vanaf maand X verandert van een
werkgeversbetaling van het geheel in een afzonderlijke betaling van enerzijds
de invaliditeitsuitkering en anderzijds loonaanvulling. Bij beantwoording van
uw vraag gaan wij ervan uit dat dit is omdat de topfunctionaris vanaf maand X
geen dienstverband als topfunctionaris meer heeft (vanwege beëindiging van dat
dienstverband). Verder nemen wij aan dat de invaliditeitsuitkering, aangezien
die van een pensioenfonds afkomstig is, voortvloeit uit een collectieve
pensioenregeling.
Het van
toepassing zijnde begrippenkader in de WNT.
Gezien de complexiteit van de materie treft u
onderstaand allereerst een overzicht aan van het in deze van belang zijnde
begrippenkader in de WNT.
Indien de functie van topfunctionaris op grond van
een dienstbetrekking wordt vervuld en (met voorbijgaan aan de bijzondere
situatie van artikel 1.1, onderdeel b, onder 6°, WNT) voor zolang het dienstverband als topfunctionaris voortduurt,
verstaat de WNT onder:
- beloning: de som van de periodiek betaalde beloningen en
de winstdelingen en bonusbetalingen, met uitzondering van belastbare vaste en
variabele onkostenvergoedingen en met uitzondering van door werkgevers
wettelijk of krachtens een algemeen verbindend verklaarde collectieve
arbeidsovereenkomst verschuldigde niet op de beloning ingehouden sociale
verzekeringspremies (artikel 1.1, onderdeel f, WNT).
Onder periodiek betaalde beloning moet op grond
van artikel 2, eerste lid, onderdeel a, Uitvoeringsregeling WNT in ieder geval
worden verstaan het brutoloon, dat wil zeggen het loon vóór aftrek van
premies en belastingen. Voor het begrip (bruto) loon moet worden uitgegaan van wat
daaronder wordt verstaan in artikel 10 van de Wet op de loonbelasting 1964
(Wet LB), te weten: loon is al hetgeen uit een dienstbetrekking of een vroegere
dienstbetrekking wordt genoten, daaronder mede begrepen hetgeen wordt vergoed
of verstrekt in het kader van de dienstbetrekking. Hierbij is niet van belang
of het loon door de werkgever zelf, dan wel door een derde wordt betaald aan de
werknemer.
Invaliditeitsuitkering
gedurende het dienstverband als topfunctionaris.
Voor zover de door u bedoelde
invaliditeitsuitkering kan of moet worden aangemerkt als loon dat uit een
dienstbetrekking of een vroegere dienstbetrekking wordt genoten, moet op grond
van de WNT de bedoelde invaliditeitsuitkering, tezamen met het brutoloon en
andere uit het dienstverband voortvloeiende bezoldigingscomponenten als
bedoeld in artikel 2, eerste lid, Uitvoeringsregeling WNT, als bezoldiging in
de zin van de WNT worden verantwoord. Dit, voor zolang sprake is van een dienstverband
als topfunctionaris. Voor zover de invaliditeitsuitkering echter kan of moet
worden aangemerkt als een uitkering (of verstrekking) tot vergoeding van
materiële of immateriële schade of een tijdelijk of blijvend verlies van
arbeids- of verdienvermogen ten gevolge van een dienstongeval of een
beroepsziekte, is die invaliditeitsuitkering op grond van artikel 2, tweede
lid, onderdeel h, Uitvoeringsregeling WNT geen bezoldiging in de zin van de
WNT en hoeft die niet te worden verantwoord.
Invaliditeitsuitkering
na beëindiging van het dienstverband als topfunctionaris.
Bij of na beëindiging van het dienstverband geldt
het volgende. Tenzij de werknemer na beëindiging van het dienstverband
aangemerkt blijft als topfunctionaris op grond van artikel 1.1, onderdeel b,
onder 6°, WNT, is de
invaliditeitsuitkering die het pensioenfonds aan betrokkene betaalt geen
bezoldiging in de zin van de WNT. Voor zover de bedoelde invaliditeitsuitkering
kan of moet worden aangemerkt als beloning betaalbaar op termijn die betrekking
heeft op de beëindiging van het dienstverband (bijvoorbeeld als het recht op de
invaliditeitsuitkering verbonden is aan de beëindiging van het dienstverband of
als dat recht ontstaat door of wordt toegekend vanwege de beëindiging van het
dienstverband), is de invaliditeitsuitkering mogelijk een uitkering wegens
beëindiging van het dienstverband. Dat laatste is niet het geval indien de invaliditeitsuitkering
voortvloeit uit een algemene bepaling van een collectieve arbeidsovereenkomst
of van een van toepassing zijnde collectieve regeling die is overeengekomen
met verenigingen van werknemers of ambtenaren die bevoegd zijn afspraken te maken
over arbeidsvoorwaarden, of uit een wettelijk voorschrift als bedoeld in
artikel 1.1, onderdeel i, WNT.