Op basis van tabel G van het controleprotocol wordt bepaald
welke handeling de accountant verricht n.a.v. het constateren van een
overschrijding. Er is in deze casus sprake van een ongecorrigeerde fout. De tabel G schrijft
voor dat een rapport van bevindingen wordt opgesteld indien de fout < de
materialiteit uit paragraaf 2.4.
In paragraaf 2.4 staat tabel F opgenomen. Deze tabel stelt voor een topfunctionaris dat de materialiteit het verschil betreft tussen het
individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum en de werkelijke bezoldiging met
een minimum van € 5.000 en een maximum van € 10.000.
De materialiteit (tabel F) is het verschil tussen
het individuele bezoldigingsmaximum en de werkelijke bezoldiging, in dit geval
€ 4.500. Maar door het minimum van € 5.000 wordt de materialiteit bijgesteld
naar € 5.000. De ongecorrigeerde fout blijft onder de materialiteit (tabel G)
en dus wordt alleen een rapport van bevindingen opgesteld en is het niet nodig
om een controleverklaring met beperking te verstrekken. Is dit standpunt juist?
Uitgangspunt
In de vraag wordt
gesproken over zowel een overschrijding als over een ongecorrigeerde fout, en
over een verschil tussen het individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum en
de werkelijke bezoldiging van Euro 4.500. Dat laatste betekent dat de
werkelijke bezoldiging Euro 4.500 LAGER is dan het individueel toepasselijke
bezoldigingsmaximum, maar dan is geen sprake van een overschrijding.
Wij gaan er in ons
antwoord van uit dat de feitelijke situatie als volgt moet worden opgevat: De
verantwoorde werkelijke bezoldiging is Euro 4.500 lager dan wat deze bij juiste
toepassing van de WNT zou moeten zijn, en bij verantwoording van de juiste
bezoldiging is sprake van een overschrijding van Euro 4.500 welke als
onverschuldigde betaling moet worden aangemerkt. LET OP: Als de feitelijke
situatie anders is, kan ook een ander antwoord van toepassing zijn.
Materialiteit
De toepasselijke
materialiteit is het (rekenkundig) verschil tussen het individueel toepasselijk
bezoldigingsmaximum en de werkelijke bezoldiging (Tabel F Controleprotocol WNT
2019). Bij een overschrijding van het individueel toepasselijk
bezoldigingsmaximum is dit verschil negatief en dus altijd kleiner dan Euro 5.000;
dit geldt ook indien de overschrijding groter zou zijn dan Euro 5.000.
Als de aldus berekende
materialiteit (rekenkundig) lager is dan Euro 5.000 dan bedraagt de
materialiteit inderdaad Euro 5.000.
Ongecorrigeerde fout
in de verantwoorde onverschuldigde betaling
Als onverschuldigde
betalingen niet of niet juist in de WNT-verantwoording zijn opgenomen, dan
geldt op grond van tabel G van het protocol de volgende situatie:
Indien deze fout kleiner
is dan de materialiteit (in dit geval Euro 5.000; zie vorig punt), dan heeft
dit géén gevolgen voor de controleverklaring maar moet dit wel in een rapport
van bevindingen worden opgenomen.
Indien deze fout groter
is dan of gelijk is aan de materialiteit (in dit geval Euro 5.000; zie vorig
punt), dan leidt dit tot een oordeel tot beperking in de controleverklaring.
In beide gevallen dient
de accountant hiervan een melding bij BZK te doen.
NB: Als de
onverschuldigde betaling volledig is (of wordt) terugbetaald vóór het
vaststellen van de jaarrekening, dan mag deze terugbetaling voor de
WNT-verantwoording worden behandeld alsof deze reeds vóór balansdatum heeft
plaatsgevonden.
Ongecorrigeerde fout
in de verantwoorde bezoldiging
Als sprake is van een
onjuist verantwoorde bezoldiging zonder dat hierbij sprake is van een fout in
onverschuldigde betalingen dan geldt het volgende:
Indien deze fout kleiner
is dan Euro 1.000 dan heeft dit géén gevolgen voor de controleverklaring EN
hoeft de accountant géén rapport van bevindingen uit te brengen.
Indien deze fout groter
is dan of gelijk is aan de materialiteit (in dit geval Euro 5.000; zie vorig
punt), dan leidt dit tot een oordeel met beperking in de controleverklaring.
Indien deze fout zich
tussen beide grenzen bevindt dan moet dit in een rapport van bevindingen worden
opgenomen.