Een WNT-plichtige instelling heeft een gelieerde rechtspersoon die zelf niet onder de WNT valt. De Raad van Commissarissen van beide entiteiten bestaat uit exact dezelfde natuurlijke personen.
Vraag 1: Valt deze situatie op grond van artikel 1, onderdeel m, sub 2 WNT onder de definitie van een gelieerde rechtspersoon?
De Raad van Commissarissen ontvangt bezoldiging van zowel de WNT-instelling als van de gelieerde rechtspersoon, hier vindt geen doorbelasting plaats. Artikel 2.1 lid 5 WNT bepaalt dat een topfunctionaris die werkzaam is bij een gelieerde rechtspersoon geen bezoldiging mag ontvangen voor zover de som van alle bezoldigingen hoger is dan het maximum genoemd in artikel 2.3 WNT.
Vraag 2: Geldt deze bepaling ook voor toezichthoudende topfunctionarissen?
Vraag 3: Zo ja, hoe verhoudt dit zich tot het specifieke maximum dat voor hen geldt van 10%/15%? Artikel 2.3 benoemd namelijk alleen het algemene bezoldigingsmaximum en ook in voetnoot 6 van bij tabel 1e in het WNT verantwoordingsmodel is slechts "het voor uw instelling geldende instellingsmaximum" genoemd.
De Helpdesk WNT van het ministerie van BZK geeft hieronder antwoord op uw vragen in de vorm van algemene wetsuitleg. Wij geven geen casusbeoordelingen af.
Vraag 1:
De beantwoording van de vraag of hier sprake is van een gelieerde rechtspersoon in de zin van artikel 1, onderdeel m, sub 2 WNT valt buiten de wetsuitleg WNT. Voor de beoordeling van de criteria in artikel 1.1, onderdeel m, WNT verwijzen wij u daarom graag naar de relevante Q&A Wanneer is sprake van een gelieerde rechtspersoon? | Topinkomens (https://www.topinkomens.nl/vraag-en-antwoord/bezoldigingsmaximum/wanneer-is-sprake-van-een-gelieerde-rechtspersoon).
Vraag 2:
Het bezoldigingsmaximum voor toezichthoudende topfunctionarissen is opgenomen in artikel 2.2 WNT. Zoals aangegeven in het antwoord op de eerdere Forumvraag "Combinatie Lid RvT en advieswerkzaamheden": https://forum.topinkomens.nl/index.php?topic=4529 (https://forum.topinkomens.nl/index.php?topic=4529) geldt artikel 2.1, vijfde lid, eerste volzin, WNT ook voor toezichthoudende topfunctionarissen van WNT-instellingen.
Vraag 3:
Het bezoldigingsmaximum voor toezichthoudende topfunctionarissen is in afwijking van artikel 2.1 WNT bepaald in artikel 2.2 WNT. In artikel 2.2 WNT is niet expliciet bepaald dat artikel 2.1, vijfde lid, WNT van overeenkomstige toepassing is. Dit betekent echter niet dat het maximum van artikel 2.1, vijfde lid, eerste volzin, WNT niet geldt voor de totale bezoldiging van een toezichthoudende topfunctionaris die tevens een andere (bijvoorbeeld toezichthoudende) functie vervult bij een gelieerde rechtspersoon als bedoeld in artikel 1.1, onderdeel m, WNT.
Artikel 2.1, vijfde lid, eerste volzin, WNT heeft tot doel te voorkomen dat een topfunctionaris van een WNT-instelling een totale bezoldiging boven het WNT-maximum kan ontvangen door een deel van diens werkzaamheden te positioneren bij een gelieerde rechtspersoon. Een redelijke uitleg van de WNT houdt in dat er geen enkele reden is om deze bepaling niet toe te passen op toezichthoudende topfunctionarissen. Gelet op de doel en strekking van de WNT stellen wij ons dan ook op het standpunt dat artikel 2.1, vijfde lid, eerste volzin, WNT van toepassing is op toezichthoudende topfunctionarissen. Dit betekent dat de totale bezoldiging van een toezichthoudende topfunctionaris van een WNT-instelling die tevens een andere functie als toezichthoudende topfunctionaris vervult bij een gelieerde rechtspersoon maximaal het algemeen bezoldigingsmaximum (artikel 2.3 WNT) dan wel een op grond van artikel 2.1, zesde lid, WNT geldend hoger of lager geldend bezoldigingsmaximum mag bedragen.