Werkgeverspremie inkoop voorwaardelijk pensioen

Gestart door Dennis, vrijdag 04 januari 2019, 14:05:01

Dennis

In voorgaande jaren hebben wij de werkgeverspremie voor
inkoop voorwaardelijk pensioen niet als bezoldiging meegerekend voor de
WNT-verantwoording. Op dit forum staat de discussie  'Telt VPL-premie mee voor de bezoldiging?' van februari 2018. Hier is geantwoord dat de VPL-premie in alle gevallen
tot de bezoldiging moet worden gerekend en dat fouten in het eerstvolgende
financieel verslaggevingsdocument moeten worden gecorrigeerd en toegelicht.



Na dit antwoord heeft de rechtbank Midden-Nederland op 31
augustus 2018 geoordeeld dat de werkgeverspremie voor overgangsrecht VPL alleen
bezoldiging in de zin van de WNT is, indien een topfunctionaris daadwerkelijk
aanspraak maakt op overgangsrecht. (ECLI:NL:RBMNE:2018:3869)



Ik neem aan dat door deze uitspraak de herstelactie niet
langer nodig is, mits de betreffende topfunctionarissen geen gebruik kunnen
maken van het overgangsrecht. De bezoldiging is immers correct volgens de
interpretatie die de rechtbank hieraan heeft gegeven.



Artikel 2, lid 1, onderdelen q en r, van de
uitvoeringsregeling WNT is per 01-01-2019 aangepast. Ik maak hieruit op dat de werkgeverspremie
voor inkoop voorwaardelijk pensioen pas vanaf 2019 in alle gevallen meegerekend
moet worden voor de bezoldiging.



Volgens staat in de Regeling Controleprotocol WNT 2018 onder
paragraaf 2.2.3, onderdeel c, punt 16, dat de werkgeverspremie voor inkoop
voorwaardelijk pensioen wel onderdeel is van de bezoldiging, ook wanneer hierop
geen aanspraak kan worden gemaakt door de functionaris.



Het controleprotocol geeft een andere uitleg dan de
rechtbank over artikel 2, lid 1, onderdelen q en r, van de uitvoeringsregeling
WNT zoals deze in 2018 geldig was. Nu is de vraag welke interpretatie bij de
verantwoording WNT over 2018 moet worden gehanteerd.


HelpdeskWNT

BZK heeft vanaf de inwerkingtreding van de WNT consequent het standpunt
ingenomen en gecommuniceerd dat VPL-premie altijd bezoldiging in de zin van de
WNT is. De kantonrechter concludeert desondanks in de aangehaalde uitspraak
onder meer dat het bezoldigingsbegrip van de WNT op dit punt niet geheel
duidelijk is en heeft op grond van een bepaalde uitleg van de wetsgeschiedenis
een afweging gemaakt. Om deze onduidelijkheid weg te nemen en daarmee
discussies tussen partijen over het wel of niet herzien van in het verleden
vastgestelde bezoldiging te voorkomen, is artikel 2, eerste lid, onderdelen q
en r, van de Uitvoeringsregeling WNT aangepast. Hiermee is verduidelijkt dat de
werkgeverspremie of -bijdrage voor overgangsrecht VPL dan wel voor inkoop van
voorwaardelijk pensioen in verband met overgangsrecht VPL in alle gevallen tot
de bezoldiging in de zin van de WNT moet worden gerekend, ongeacht of de
betrokken functionaris wel of niet onder het VPL-overgangsrecht of onder de
voorwaardelijke inkoopregeling valt, zoals ook altijd de bedoeling van de wet
is geweest op dit punt.