WNT en artikel 11 Wet op de Loonbelasting

Gestart door LTimmermans, vrijdag 30 mei 2025, 10:07:12

LTimmermans

Wij wensen het volgende over de
wetstoepassing voor te leggen. In artikel 2 lid 2 Uitvoeringsregeling WNT wordt
een opsomming gegeven van componenten die in ieder geval niet tot
de bezoldiging worden gerekend. Wij hebben hierover 2 vragen:



1.      
Betreft deze opsomming een
limitatieve lijst met componenten?



2.      
Indien nee, de vervolgvraag: In
artikel 2 lid 2 onder d Uitvoeringsregeling WNT wordt een koppeling gemaakt met
artikel 11 lid 1 onder o Wet op de Loonbelasting, de diensttijdvrijstelling.
Kunt u aangeven of de vrijstelling voor de eenmalige uitkering ter overlijden
van de werknemer of zijn partner ter hoogte van drie maandlonen zoals bedoeld
in artikel 11 lid 1 onder m Wet op de Loonbelasting ook onder de opsomming van
uitgezonderde bezoldigingscomponenten valt?



HelpdeskWNT

Uw vragen omtrent de
uitleg van het bezoldigingsbegrip in artikel 2, tweede lid, Uitvoeringsregeling
WNT kunnen wij als volgt beantwoorden.



  1. In artikel 2,
    tweede lid, Uitvoeringsregeling WNT zijn de componenten opgesomd die in ieder
    geval niet tot de bezoldiging van een topfunctionaris met dienstbetrekking
    behoren. Net als bij het eerste lid is deze opsomming door de woorden "in ieder
    geval" niet limitatief, maar bij de toepassing van het tweede lid geldt een
    striktere uitleg van het niet-limitatieve karakter dan bij het eerste lid, om
    ontduiking of ontwijking van de WNT-normering te voorkomen. Componenten die
    niet in de opsomming worden genoemd, vormen in beginsel bezoldiging, tenzij
    reeds uit het wettelijke bezoldigingsbegrip van de WNT zelf voortvloeit dat het
    naar inhoud, aard en strekking niet om bezoldiging van een topfunctionaris
    gaat.



  2. De eenmalige
    uitkering bij overlijden van de werknemer of zijn partner zoals bedoeld in
    artikel 11, eerste lid, onderdeel m, Wet op de loonbelasting 1964 ziet op twee
    situaties. Enerzijds de situatie dat de topfunctionaris, als nabestaande van
    diens partner, een eenmalige uitkering ontvangt van de werkgever van de partner
    wegens het overlijden van die partner, anderzijds de situatie dat een partner van
    een topfunctionaris als nabestaande deze uitkering ontvangt van de werkgever
    van de topfunctionaris wegens het overlijden van de topfunctionaris.


In het eerstgenoemde geval is de WNT niet van
toepassing aangezien er geen sprake is van bezoldiging uit hoofde van een
dienstbetrekking van een topfunctionaris in de zin van de WNT.

In het
als tweede genoemde geval is de WNT in beginsel wel van toepassing, voor zover
er sprake is van een topfunctionaris als bedoeld in de WNT. Echter, overlijdensuitkeringen
die aan nabestaanden van topfunctionarissen worden uitbetaald na het overlijden
van een topfunctionaris, vallen naar inhoud, aard en strekking buiten het
wettelijke bezoldigingsbegrip van de WNT voor zover het gaat om het
onbelaste deel van dergelijke uitkeringen
. Dit ook, al is deze
overlijdensuitkering niet expliciet uitgezonderd in artikel 2, tweede lid,
Uitvoeringsregeling WNT. In het wettelijk bezoldigingsbegrip van de WNT zijn
onbelaste vergoedingen en verstrekkingen in de regel uitgezonderd, dus dat geldt
in beginsel ook voor de onbelaste overlijdensuitkeringen. Het meerdere van de
overlijdensuitkering vormt wél belastbaar loon en daarmee dus bezoldiging.
Dit houdt dus in dat, voor
zover er feitelijk meer wordt betaald aan de nabestaanden dan het onbelaste
deel, het meerdere wel bezoldiging voor de WNT vormt, en dan kan dat meerdere
niet aan de nabestaanden worden uitbetaald voor zover dat tot overschrijding
van het voor de topfunctionaris geldende bezoldigingsmaximum zou leiden. Dit,
om te voorkomen dat er, om de WNT-norm te omzeilen of te ontwijken, afspraken
worden gemaakt over riantere overlijdensuitkeringen aan nabestaanden. In
cao-bepalingen komt het voor zover bekend niet of nauwelijks voor dat
overlijdensuitkeringen meer bedragen dan wat onbelast is op grond van artikel
11, eerste lid, onderdeel m, Wet op de loonbelasting 1964, maar individuele
afspraken zouden in theorie wel hogere overlijdensuitkeringen kunnen inhouden.