Gewezen topfunctionaris - vacuüm

Discussie gestart door PaulVriezenPaulVriezen .
Begonnen op . Geplaatst in categorie: Topfunctionarissen.

Per 1-1-2018 komt art. 6 van de Beleidsregels WNT na inwerkingtreding van de Evaluatiewet WNT (gewezen topfunctionaris) te vervallen. Daarvoor in de plaats komt per 1-1-2018 een uitbreiding van de definitie topfunctionaris in de WNT (art. 1.1, lid 1, onderdeel b, ten zesde). Volgens het overgangsrecht (art.7.3b) gaat die nieuwe bepaling niet gelden voor personen die al voor 1-1-2018 van functie wisselden. Klopt het dan dat de gewezen topfunctionaris, die voor 1 januari 2018 zijn functie neerlegde, per 1-1-2018 niet meer onder het regime van de gewezen topfunctionaris valt nu die bepaling komt te vervallen en dus geldt als iedere andere functionaris?


Reacties

  • De reactie van HelpdeskWNT#1HelpdeskWNT#1 .
    Lid van de Redactie Min. BZKArray Reactie geschreven op .

    Een topfunctionaris die tenminste twaalf maanden een topfunctie heeft vervuld en vervolgens een niet-topfunctie gaat vervullen bij dezelfde instelling blijft nog vier jaar aangemerkt als topfunctionaris. Het begrip ‘gewezen topfunctionaris’ vervalt. WNT-instellingen vermelden gewezen topfunctionarissen voor het laatst in de WNT-verantwoording over kalenderjaar 2017.

  • De reactie van PaulVriezenPaulVriezen . Specialist WNT en Ambtenarenrecht
    Reactie geschreven op .
    Dat is straks de regeling. Maar is dat ook zo ondanks art.7.3b? Tot 1-1-2018 is iemand dan gewezen topfunctionaris, daarna niet meer, terwijl die nieuwe bepaling van topfunctionaris voor betrokkene dan niet gaat gelden. Dan kunnen partijen dus nu vrij afspraken maken over een beëindigingsvergoeding, dunkt mij, mits het maximum daarvan maar niet overschreden wordt.
  • De reactie van PaulVriezenPaulVriezen . Specialist WNT en Ambtenarenrecht
    Reactie geschreven op .
    Is de redenering in mijn reactie van 1 november 2017 juist?
  • De reactie van HelpdeskWNTHelpdeskWNT .
    Lid van de Redactie Min. BZKArray Reactie geschreven op .

    Het klopt dat artikel 1.1, eerste lid, onderdeel b, onder 6, WNT niet gaat gelden voor iemand die tot en met 31 december 2017 als gewezen topfunctionaris werd aangemerkt. Uit het overgangsrecht in het nieuwe artikel 7.3b volgt dat de nieuwe bepaling alleen geldt voor dienstverbanden als topfunctionaris die na inwerkingtreding van de Evaluatiewet WNT (lees: vanaf 1 januari 2018, de inwerkingtredingsdatum van de bepaling) zijn aangegaan. Dat is bij iemand die thans nog wordt aangemerkt als gewezen topfunctionaris per definitie niet het geval. Indien een dienstverband op enig moment na 1 januari 2018 wordt verlengd, is artikel 1.1, eerste lid, onder 6, van de WNT wel op deze topfunctionaris van toepassing op grond van het tweede lid van artikel 7.3b. Zijn/haar bezoldiging is wel genormeerd en blijft ook genormeerd voor een periode van vier jaar, indien de functie van topfunctionaris is vervuld voor een periode van twaalf maanden of langer.

    Ons is de relevantie van de laatste zin van uw reactie van 1 november niet helemaal duidelijk. Een gewezen topfunctionaris was altijd al vrij om afspraken te maken over een beëindigingsvergoeding. De bezoldiging en ontslaguitkering van een gewezen topfunctionaris worden immers niet genormeerd door de WNT. Anders dan u veronderstelt, geldt er dus geen maximum (nu al niet, straks nog steeds niet) voor gewezen topfunctionarissen.
Deze discussie is gesloten.