Berekening bezoldigingsmaximum tijdens behoudperiode

Discussie gestart door RvdHRvdH .
Begonnen op . december 2018 aangepast Geplaatst in categorie: Overgangsrecht.

Vanuit het Ministerie van BZK is in een eerder stadium aangegeven dat voor de berekening van het bezoldigingsmaximum onder het overgangsrecht niet altijd hoeft te worden uitgegaan van de gewerkte dagen maar ook mag worden gerekend met de gewerkte maanden. Dit om onbedoelde onverschuldigde betalingen te voorkomen.

Een simpel voorbeeld

  • stel de bezoldiging die gedoogd wordt onder het overgangsrecht bedraagt EUR 240.000
  • werknemer heeft dus een aanspraak van EUR 20.000 per maand
  • stel dat de werknemer op 28 februari 2018 uit dienst treed
  • op basis van de dagensystematiek geldt dan een maximum van (59/365 * 240.000) EUR 38.795 hetgeen zou leiden tot een onverschuldigde betaling aangezien de bezoldiging EUR 40.000 bedraagt
  • Het Ministerie van BZK heeft aangegeven dat het recht mag worden berekend op basis van de gewerkte maanden waarmee de onverschuldigde betaling wordt voorkomen

Voor de afbouwfase binnen het overgangsrecht is hier nog geen eenduidig antwoord op gegeven maar gezien de achtergrond van de goedkeuring komen wij tot de conclusie dat deze systematiek ook tijdens de afbouwperiode kan worden gehanteerd.

Graag vernemen wij of het Ministerie van BZK deze mening onderschrijft?


Reacties

  • De reactie van HelpdeskWNTHelpdeskWNT .
    Lid van de Redactie Min. BZKArray Reactie geschreven op .
    Wegens kerstreces duurt het beantwoorden van de vraag iets langer.
Log In of Registreer om te reageren.