Hoe om te gaan in de jaarrekening met vakantiegeld bij uitdiensttreding?

Discussie gestart door TomGTomG .
Begonnen op . Geplaatst in categorie: Bezoldiging.

Binnen de WNT is geregeld dat bij uitdiensttreding het opgebouwde recht uit oude jaren aan dat jaar moet worden toegerekend. Wat betekend dit concreet voor de toelichting in de jaarrekening?

Doordat het werkelijke uitbetaalde vakantiegeld moet worden meegenomen in de bezoldiging kan het voorkomen dat bij uitdiensttreding het maximum wordt overschreden doordat de vakantietoeslag ook over voorgaand jaar wordt uitgekeerd (jun-dec). Hoe dient hiermee omgegaan te worden in de jaarrekening? Dient het bedrag dat betrekking heeft op voorgaand jaar gecorrigeerd te worden op de bezoldiging, of moet een overschrijding gemeld worden met een toelichting?

Tevens is door de overgang van de vakantietoeslag in cao voor gemeenten naar het individueel keuzebudget sprake van een aanvullende uitbetaling van vakantiegeld in 2017. Hierdoor kan het voorkomen dat de bezoldiging hierdoor het maximum overschreden wordt. Hierdoor voorzie ik in 2017 bij diverse gemeenten een overschrijding. Hoe wordt met dit fenomeen omgegaan in de WNT?

Met vr. groet,

Tom Ghijsen

Reacties

  • De reactie van HelpdeskWNT#1HelpdeskWNT#1 .
    Lid van de Redactie Min. BZKArray Reactie geschreven op .

    Uitkering van de opgebouwde vakantiegelden is bezoldiging en geen uitkering wegens einde dienstverband. Nabetalingen waarop het recht in een eerder jaar is ontstaan, mogen aan dat jaar worden toegerekend.  Voor u betekent dit dat beide stellingen waar zijn. U kunt er voor kiezen de bedragen te verantwoorden in de eerdere jaren, wat vooral een mogelijkheid is als in die betreffende jaren het maximum nog niet is bereikt. Een overschrijding, in welk jaar dan ook, moet worden gemotiveerd. Dit geldt ook voor de bijzondere situatie in 2017. Mocht dit leiden tot overschrijding, dan zal ook hier een motivatie plaats moeten vinden.

Deze discussie is gesloten.